Fred van Rooij | woord & beeld

Stiekeme seksclub

Hoe een persbericht kan overkomen

Geen reacties

Je moest eens weten wat voor persberichten we hier op de redactie van het Witte Weekblad af en toe ontvangen. Zo valt er regelmatig een digitaal briefje van Dansclub Changé in de mailbox. Tot zover niets bijzonders, maar let even goed op: Dansclub Changé organiseert tweemaal per maand een dans- en ontmoetingsavond voor singles en paren.

Singles zoeken een partner, dat kan ik volgen. Alleen is maar alleen en alleen dansen lijkt mij ook verrekte onhandig. Persoonlijk druk ik me op de dansvloer ook graag tegen een lekker lijf aan. Samen schuifelen en verdrinken in de poel van lust en liefde. Een drankje en een praatje en zo lul je iemand langzaam je bed in.

Maar wat moet een single man of vrouw met een echtpaar of stel. Of andersom: wat willen paren of stellen met singles. Je leest wel eens van die advertenties met teksten als: man zoekt echtpaar voor wilde avonden, of: stel zoekt een meisje voor erbij. Zo’n gevoel krijg ik ook steeds bij de persberichten van Changé. De combinatie van singles en paren slaat echt nergens op. Als single blijf je in een zaal met stellen altijd die ene muurbloem. Welke vrouw laat haar man of vriend op de dansvloer wegzwijmelen met een leuke dame die daar toevallig ook rondloopt en neemt zelf plaats op een stoel langs de muur?

Dus denk ik dat Dansclub Changé een trio- of parenclub in vermomming is. In alle eerlijkheid kan ik niets anders verzinnen. Alphen is van nature natuurlijk preuts. Ik herinner me nog levendig hoe de stad op de achterste benen stond toen iemand een plan opperde om aan de Zegerplas een een sauna te beginnen. Het idee alleen al van het mogelijk zien van naakte lijven deed de gemiddelde Alphenaar - en dat zijn er veel - gruwelen. Toen iemand een paar jaar later een winkel in erotische producten wilde beginnen in de Paddenstoelenbuurt schoot Alphen in de kramp. Dildo’s zagen de bewoners al liggen in de etalage. In die tijd vlogen de vibrators winkels uit, maar niemand had er één. Net zoals niemand al die seksprogramma’s op televisie zag. Die winkel is er trouwens nooit gekomen, maar dat raadde u al.

Alphen is preuts en een parenclub is als vloeken in de kerk. Voor dat laatste mogen ze me wel uitnodigen, voor het eerste moet ik thuis even overleggen. En dus begrijp ik de dansclub wel. Beter stiekem, dan de hele stad over je heen, al klinkt dit weer heel dubbelzinnig. Het probleem is echter dat ik niet zeker weet of Changé een verkapte seksclub is, al hoop ik van wel. Een beetje zondigheid kan de stad wel gebruiken. Maar zoek het dan uit, hoor ik u al zeggen. Alleen is er een klein probleempje. Nee, niet mijn lief of de seks. Geen punt. Nee, stel dat het echt een dansclub is? Ik haat dansen. Seks oké, maar dansen: nee dus.

Written by Admin

Vrijdag 09 Juli 2010 at 11:28 pm

Posted in Weblog

Ploeteren over het wad

Er gaat veel boven Pieterburen

Geen reacties

Er gaat niets boven Groningen, zeggen de Groningers. Ze liegen. Boven de provincie Groningen ligt het wad en op het wad zijn zeehonden.


Qua patet orbis, zo wijd de wereld strekt. En zo ziet het er ook uit als we aan het einde van Nederland staan en richting de Waddenzee blikken. De lucht is grijs en het drooggevallen land ook zodat de horizon moeilijk te onderscheiden is. De gids gaat de dijk af, de kwelder op en de groep van ongeveer dertig personen volgt.



Het zal wel de natuur van de moderne mens zijn, maar iedereen probeert krampachtig zijn voeten droog te houden. Ik ook, maar verlies bij het tweede slootje al mijn evenwicht. Mijn linkervoet glijdt weg en door het gewicht op het rechterbeen gaat mijn hele lichaam schuiven. Er is geen houden aan. Mijn handen brengen redding en zo maak ik al snel kennis met de Groningse modder. Het wadlopen is begonnen.



Een paar honderd meter verder begint het wad. Donkergrijze modder is te zien waar we ook kijken. Weer gaat de gids voorop, zijn voeten laten diepe sporen achter in de klei. De groep volgt als trouwe zeehonden en ploetert zich eveneens een weg vooruit. Iedereen sjokt op zijn eigen tempo naar de eerste zandplaat. Daar ineens is de bodem weer stevig en gaat het lopen verrassend goed.



Maar de zandplaat eindigt in een geul en die moeten we over. Ontkomen is er niet aan en wie het voor elkaar kreeg droog te blijven, moet er nu ook aan geloven. Kruisdiep waden we door het koude water. Althans voor diegenen die minstens 186 lang zijn. Bij de rest komt het water hoger. De kinderen worden geholpen. Als we verder lopen verdwijnt Groningen langzaam naar de achtergrond. De twee andere wadloopgroepen zwerven verder voor ons uit, wij gaan vanwege de kinderen niet de grote geul over, maar houden het beschaafd.



We zoeken naar vogels, die in aantallen tegenvallen en natuurlijk hoopt iedereen op zeehonden. Maar we lachen vooral en genieten van het eind van de wereld waarin we wegzakken als we niet oppassen. Het zoeken naar zeehonden wordt uiteindelijk ook beloond. Een enkele zeehondenkop kijkt ons vanuit een grote geul nieuwsgierig aan. Te ver weg voor een foto, maar toch mooi en bijzonder om te zien.

Written by Admin

Maandag 21 Juni 2010 at 9:56 pm

Posted in Weblog

Schrijven

En hoe je verhalen vindt

Geen reacties

Er zijn niet veel mensen die hun fiets een trap aftillen. Ik zat in De Zaak en had een interview met Judith. Door het raam zag ik hem. De fiets zweefde iets boven de grond en hij liep de trap af naar het terras. We waren even van de rode interviewlijn afgeweken en hadden het over mijn schrijven van stukkies en het feit dat overal een verhaal inzit.

Het feit dat iemand zijn fiets de trap afzeult, die fiets parkeert op het terras, de trap weer oploopt om binnen wat te bestellen, intrigeerde me. Hij had om kunnen fietsen, en hij had gewoon aan de kant van het Rijnplein het grand café binnen kunnen gaan. Afijn, hij koos voor de meest moeilijke routes voor een bakkie pleur. De man die misschien in de verte wat op Catweazle leek, boeide me: sandalen, fiets, de trap en vooral de wilde haardos. Het rook aan alle kanten naar een verhaal: misschien was het wel een wereldreiziger die een tussenlanding in Alphen aan den Rijn maakte.
 
Onderwijl het interview voer Bert ook nog voorbij op de Oude Rijn en manoeuvreerde behendig door de Alphensebrug. Ja, het is mij ook een raadsel wie Bert is, maar de naam stond in grote letters op de brug van het binnenvaartschip. Ik ga er nog steeds vanuit dat Bert de kapitein is van het gevaarte. Weer was ik even nieuwsgierig.

Stukkies schrijven, daar hadden we het over. Misschien wel het mooiste vak van de wereld. Alleen kon ik op dat moment niets met Bert en de eenzame fietser. Ik was druk met fotografie, begrafenisfotografie. Dat was het onderwerp van het interview. Ze noemt het: 'Bijdragen in het verwerken van het verdriet' en 'mooie fotografie'. Overigens houdt Judith zich ook bezig met portretten, huwelijken en naakt. Ik maak graag een zijsprongetje in een interview, je snapt waarom. Niet voor het stukkie dat ik over haar ga schrijven, maar uit pure nieuwsgierigheid. Waarom je in je blote kont laten fotograferen en jezelf naakt thuis aan de muur hangen? Kunst?
Ik ruik een stukkie.

Written by Admin

Vrijdag 11 Juni 2010 at 11:03 pm

Posted in Weblog

Van geitenwollensok tot trendsetter

We gaan Pieteren

Geen reacties

Het kan verkeren in het leven: als je maar lang genoeg wacht hobbel je vanzelf weer met de mode mee. Lang ging ik door het leven als een ouderwetse geitenwollensok, zonder overigens die sokken te bezitten. En zie, sinds enige tijd is 'groen' en onbespoten in. Ik ben dus weer volledig modern en bij. Of eigenlijk was ik trendsetter. Maar ach, die credits heb ik niet echt nodig.
Maar wat blijkt: in dagblad Trouw was afgelopen weekend te lezen dat kamperen weer helemaal in is. Maar niet op een hier-is-van-alles-te-doen-camping, maar kamperen-terug-naar-de-basis. Iets wat wij al jaren willen en doen. Liep ik zonder het te weten weer voor de muziek uit. Kijk voor het gemak even hier, hier of hier.

Leuk detail was ook dat de Volkskrant aandacht schonk aan het Pieterpad. Een wandelingetje dat we met z'n tweeën gaan lopen dit jaar, al valt de planning weer niet mee. Maar het gaat gebeuren. Met de rugzak om en de wandelschoenen aan. Via deze website wandel je mee. Zo gauw we gaan lopen natuurlijk.

Written by Admin

Maandag 10 Mei 2010 at 11:18 pm

Posted in Weblog

Softballer in hart en nieren

Hans Dijkstal 1943-2010

Geen reacties

Hans Dijkstal.
Na een langdurige ziekte overleed hij. Het is nieuws, je kunt er niet omheen. Er is aandacht voor hem als politicus. Daar had ik weinig mee, ik ben geen VVD'er.
Hans Dijkstal was natuurlijk meer dan alleen politicus: echtgenoot, vader en opa bijvoorbeeld. Belangrijke taken in een mens' leven.
Maar Hans Dijkstal was nog meer: softballer bij Storks 5.

Het is al wat jaren terug: Alphians 1 (meer teams hadden we niet, dus ik speelde in het eerste herensoftbalteam) tegen Storks 5. Ik rondde het eerste honk en vloog naar het tweede. De handschoen, ja met bal want anders telt het niet, schampte mijn rug. Even keken we elkaar aan: hij lachte, ik niet.
'You're out', riep de scheidsrechter vast. Het tweede honk haalde ik niet. Uitgetikt door een VVD'er, het kan verkeren.

De softbalwereld verliest een echte liefhebber.

Written by Admin

Maandag 10 Mei 2010 at 10:53 pm

Posted in Weblog

Het reisverhaal

Het gaat door deze keer

Geen reacties

Een half jaar gelden kreeg ik een telefoontje. Ik stond op het plein in Wijk aan Zee, de zon scheen en het was fris, maar zeker niet onaangenaam. Het najaar gaf een mooie dag weg. Ik was op reis en wachtte op mijn medereiziger. Op het pleintje staat een ronde bushalte. Er was ook een friettent. Net aan de rand van het plein lag nog een restaurant en een winkel met erin de plaatselijke VVV.
Uiteraard was er een kerk, met eromheen een kerkhof met heel oude graven, maar ook met nieuwe. Een klein kerkhof: gingen er in Wijk aan Zee weinig mensen dood, of zou er ergens anders nog een begraafplaats zijn. Wel een vraag die je bezighoudt als je aan het wachten bent.
Er is niets in Wijk aan Zee, maar juist daarom trekt het ons. Er is zee, we pikken er een hotelletje of slaan ergens de haringen in de grond. Nee, het is geen moderne badplaats. Wijk aan Zee: het is een mond vol voor weinig.
'Met de Hogeschool van Utrecht', klonk het in mijn oor en waar ik bang voor was, geschiedde. Er waren te weinig deelnemers aan de cursus Het reisverhaal.
Je hebt namelijk snel genoeg door of een cursus doorgaat, of niet. Je moet namelijk vooraf het lesgeld betalen. En mijn brievenbus liet genoeg rekeningen door, maar niet die ene waar ik naar snakte. Bij wijze van spreken dan, want aan betalen heb ik een broertje dood.
'Of ik in mei nog wilde', vroeg de stem.
Ik vroeg garanties, kreeg die niet, zei 'ja' en de stem wees me meteen op de algemene voorwaarden als ik besloot de cursus alsnog af te zeggen.
In stilte vervloekte ik haar. Ik zeg niet af, dacht ik nog.
Coulance nihil.
Maar goed. De rekening viel deze keer wel in de bus. En dat betekent dat ik enkele woensdagen in mei en juni bezig ben me te laven aan Het reisverhaal. Luisteren, leren en vooral schrijven: mijn liefde.
Docente is Arita Baaijens. En wie even de moeite neemt haar website te bekijken, moet net als ik denken: wat een interessante vrouw. Dus die cursus zit wel snor.

Written by Admin

Zondag 02 Mei 2010 at 7:47 pm

Posted in Weblog

Kamperen in de vrije natuur

Biertjuhh?

Geen reacties

Behalve het beheren van bossen, wat dat ook in mag houden, kun je op terreinen van Staatsbosbeheer 'avontuurlijk' kamperen. Er zijn de (vrij populaire) kleinschalige (76 in totaal) kampeerplaatsen. Voor de ware liefhebber is er de paalkampeerplaats. Een paal, een pomp (geen drinkwater) en een stukje gras waar maximaal drie tenten mogen staan? Poepen of piesen? Zoek een boom en geniet ervan in de vrije natuur.

In de buurt van Alphen aan den Rijn liggen drie van die paalkampeerplaatsen: Kruiskade, Weipoortse Vliet en Leidschendammerhout. Ooit stond ik voor het Leidsch Dagblad bij de Kruiskade een nachtje. Leuk, maar echt rustig is het daar niet met dat fietspad ernaast waar ook brommers over scheuren. De enige plek die mijn goedkeuring kan dragen is bij Weipoort, maar daar lig je weer honderd meter van de N11 af, maar de plek is prima. De enige keer dat ik bij  Leidschendammerhout keek, vond ik het een enge plek. Resoluut afgekeurd.

Elk seizoen ga ik wel eens bij de Kruiskade kijken, nooit zag ik er trouwens iemand kamperen. Niet echt in-de-vrije-natuur daar natuurlijk, weet ik uit ervaring. Van de week ging ik ook. Gebruikt was de plek zeker: alleen niet door de doelgroep. Een grote verbrande plek met veel (natuurlijk lege) bierblikken markeerden de kampeerplaats. De pek was ingenomen door (waarschijnlijk) jongeren die daar een feestje vierden. En dat maakt het allemaal minder aantrekkelijk voor de avontuurlijke kampeerder.

Jammer? Jazeker. Je mag wel wat meer respect verwachten voor een kampeerplaats. Wat blijft er nog over, vraag ik me wel eens af. Logisch dat jongeren ook het avontuur zoeken, maar liever ergens anders en trouwens die kampeerplek kan wel wat verder het bos is en wat moeilijker bereikbaar worden. Maar toch, je moet er niet aan denken: lig je net in je tentje duikt een groep jongeren op...

Written by Admin

Zondag 02 Mei 2010 at 11:01 am

Posted in Weblog

Alaska

Waar natuur nog de baas is

Geen reacties

Zij schreef er een boek over: Keerpunt Alaska. Een land dat nog echt onherbergzaam en dodelijk kan zijn. Maar ook mooi. Jolanda Linschooten doorkruiste het land met hem: per fiets, te voet en per kano. Een reis met uitersten, waar ze helemaal op elkaar waren aangewezen. Lovers, maar ook een team, anders red je het niet daar. Zij besloot na de reis haar leven een drastische wending te geven. Daar, ver weg in het hoog op de aardbol gelegen land, nam ze de beslissing. Geen juf meer, maar fotograaf en schrijfster. Nu reizend met outdoorstuf waar ik een beetje (heel zacht uitgedrukt) jaloers op ben.

Maar Alaska is ook het land van de film Into the wild. Ik zag dit weekend de film weer staan in de videotheek, waar overigens alleen dvd's stonden. Chris McCandless vertrok na school naar dit land omdat hij genoeg had van deze maatschappij. Hij kwam, vond een lege bus als woonplaats, zag, overwon, maar verloor uiteindelijk de strijd tegen de natuur. Alaska is niet voor doetjes, maar juist daarom trekt het me misschien aan. Overgeleverd aan de elementen. Ik weet zeker dat ik daar de strijd van de natuur zal verliezen. In Alaska is de mens ondergeschikt aan de natuur. En ik denk dat ik niet sterk genoeg ben.

Maar de film leverde ook mooie muziek op van een voor mij onbekende zanger – inderdaad van Pearl Jam, foei Fred -, en dat was weer mooi meegenomen. Luister en geniet van de muziek, huur die film, lees het boek en geniet nog meer. Hoe mooi uiteindelijk echte natuur kan zijn.
Mooi, maar ook dodelijk.

 

Written by Admin

Woensdag 28 April 2010 at 7:51 pm

Posted in Weblog