Twee paardenstaartjes heeft ze in haar blonde haren. Gekleurd, rood en groen. Ze draagt strakke jeans en een rood shirt met aan de achterkant de opschrift, 'Met een glimlach van de zaak'. Dat belooft wat, dacht ik meteen. Een lach, daar doen we het voor. Haar collega struinde ook rond over het grootste terras van de stad. Hij droeg een groen shirt met het opschrift, 'Vlotte bediening'. We keken elkaar aan. De avond kan niet meer stuk, was onze gedachte, en we glimlachten.
De zon scheen en we wuifden naar de bediening. Ik zag me al zitten met een heerlijke rosé turend op de kaart naar iets lekkers. Nogmaals probeerden we de aandacht van de serveerster te trekken. Het leek alsof ze om ons heen keek, en haar collega mijdde ons ook. Vertwijfeld zaten we en keken elkaar aan. Wat nu? We draaiden onze hoofden en keken rond het terras. We waren niet de enigen. Overal staken mensen hun handen op om de aandacht van het serverend personeel te trekken. Net zo tevergeefs als wij. Het lukte maar niet. Ons niet en niemand niet. Sommigen hielden het voor gezien en vertrokken een terras verderop.
Maar de aanhouder wint, misschien een lullig gezegde, maar waar. Ze kwam de bestelling opnemen. Tegelijk kregen we de kaart. Ik kreeg er een in alle talen behalve Nederlands. Maar culinair gezien spreek ik een aardig woordje over de grens. Eten en drinken kan ik overal. En nu overdrijf ik niet.
De drank was besteld en we leunden rustig achterover genietend van het weer en de langsvarende boten. Met enige regelmaat liep er een man langs met een blad vol drank. Smachtend keken we ernaar, ons verlangen werd groter en de dorst ook.
Ondertussen zaten we al bijna een uur op het terras en de honger nam toe, net als de wind die verfrissend werkte. Ik besloot om de jassen te gaan halen. Een loopje van tien minuten, voordeeltje van in het centrum wonen. Mijn bestelling gaf ik aan lief en ik ging, kwam terug en had nog tijd over voordat ik de bestelling kon doorgeven.
Nee, opschieten kennen ze bij dat zaakje niet. Alles duurt lang, lang en vreselijk lang. Ik kan alles uitgebreid gaan vertellen, zoals over de smaakloze kabeljauw, maar dan duurt dit verhaal ook oeverloos lang. En wie zit daar op te wachten.
Zaakje

Amsterdam
De hoofdstad, de stad waar altijd verkeer is en mensen op straat. Amsterdam, de stad waar het allemaal gebeurt, vroeger en nog steeds elke dag.
Ik ken dat soort steden. Als oud-zeeman legden we er steeds aan en verpoosden wij ons op de wal. Nooit slapende steden. We gingen tot het gaatje, kroeg in en uit en ja, veel meer. Het was het leven pur sang, het leven zoals het leven bedoeld is. Onbezorgd met veel vrouwelijke aandacht. Dagen waren te kort. En dat zijn ze eigenlijk nog steeds.
Maar een mens wordt ouder. De behoefte aan rust en stilte neemt zienderogen toe. Alsof het leven zich volledig een andere kant op keert. Rust en stilte werken nu als een drug. Iets dat bij ouder worden hoort, misschien. In ieder geval bij mij.
Regelmatig rijd ik naar Amsterdam. Wie het verzonnen heeft weet ik niet, maar in de hoofdstad bevindt zich een bergsportgroep van het Nivon. Ja, ik snap het ook niet. Ik spoed me daar na werk heen om alles te leren over wandelen in onherbergzame gebieden. Dat laatste is een stukje liefde dat nu alle kans krijgt te ontplooien.
Elke keer ga ik via de drukste wegen naar Amsterdam. Al die mensen, al die auto's en al die prikkels. Praten over wandelen en hiken - slimmer stappen dus - brengt me dan tot rust. Vooral wetende dat er weer een weekend Ardennen aan komt. Dat werkt altijd beter dan een partydrug op mijn gemoedsrust.
Ik ken dat soort steden. Als oud-zeeman legden we er steeds aan en verpoosden wij ons op de wal. Nooit slapende steden. We gingen tot het gaatje, kroeg in en uit en ja, veel meer. Het was het leven pur sang, het leven zoals het leven bedoeld is. Onbezorgd met veel vrouwelijke aandacht. Dagen waren te kort. En dat zijn ze eigenlijk nog steeds.
Maar een mens wordt ouder. De behoefte aan rust en stilte neemt zienderogen toe. Alsof het leven zich volledig een andere kant op keert. Rust en stilte werken nu als een drug. Iets dat bij ouder worden hoort, misschien. In ieder geval bij mij.
Regelmatig rijd ik naar Amsterdam. Wie het verzonnen heeft weet ik niet, maar in de hoofdstad bevindt zich een bergsportgroep van het Nivon. Ja, ik snap het ook niet. Ik spoed me daar na werk heen om alles te leren over wandelen in onherbergzame gebieden. Dat laatste is een stukje liefde dat nu alle kans krijgt te ontplooien.
Elke keer ga ik via de drukste wegen naar Amsterdam. Al die mensen, al die auto's en al die prikkels. Praten over wandelen en hiken - slimmer stappen dus - brengt me dan tot rust. Vooral wetende dat er weer een weekend Ardennen aan komt. Dat werkt altijd beter dan een partydrug op mijn gemoedsrust.

Bosje lente
Het mooiste, misschien wel allermooiste van de lente is de verse groente...


Fred for president
Mijn dorp zoekt een nieuwe burgemeester. De ouwe stopt er namelijk mee en gaat voor zichzelf klussen. Misschien werden zijn bijbanen hem teveel om alleen bijbaan te blijven. Vandaar dat zijn bijbanen nu hoofdbanen worden. Bijbanen horen natuurlijk bij bestuurders. Zonder bijbaan hoor je er niet bij. Daarnaast leveren ze een leuk zakcentje op. Maar dat even terzijde, want het gaat niet om bijbanen en ook niet over oude burgemeesters. Maar juist over een nieuwe.
Mijn stad zoekt dus een nieuwe burgervader of -moeder. Het is de gemeenteraad om het even. Niemand wijst hier een vrouw af. Ik ook niet, al heb ik weer meer lichamelijke eisen dan bestuurlijke eisen. Bij mannen heb ik dat trouwens niet.
Mijn oude buurvrouw zei altijd dorp tegen Alphen aan den Rijn. In feite mag je met ruim 71.000 inwoners best stad zeggen. Maar om haar in ere te houden zeg ik dorp. Klinkt ook intiemer, liever zelfs.
Ik geef het toe. Ik draal en lul maar wat raak. Het is ook weer even geleden dat ik hier schreef en ik schaam me, dat mag u best weten. Ik weet ook niet of ik mijn leven wel ga beteren. Maar kom terug en u kunt het aanschouwen.
Nu terug naar de actualiteit.
Ik heb dat baantje als burgemeester wel eens van dichtbij gezien. En ja, ik denk inderdaad dat ik dat kan. Koffie met oude, getrouwde stelletjes. Hamerstukken weghameren en een nieuwjaarstoespraak houden. En geloof me: mijn toespraken zijn beter. Nou ja, anders dan. Maar wat let mij om te solliciteren. Ik weet wat het leven brengt, sta midden in de samenleving en mijn carrière kan best een boost gebruiken. Voor het gemak laat ik mijn looks dan even buiten beschouwing.
Dus moet ik gaan lobbyen voor mezelf: Fred for burgemeester. Daar zit hem nou de kneep. Dat bekt dus niet. Fred for president! Kijk dat bekt even lekker. Want image is everything, en dat begint met de juiste slogan.
Wat rest is een klein probleem dat ze het koningshuis noemen.
Mijn stad zoekt dus een nieuwe burgervader of -moeder. Het is de gemeenteraad om het even. Niemand wijst hier een vrouw af. Ik ook niet, al heb ik weer meer lichamelijke eisen dan bestuurlijke eisen. Bij mannen heb ik dat trouwens niet.
Mijn oude buurvrouw zei altijd dorp tegen Alphen aan den Rijn. In feite mag je met ruim 71.000 inwoners best stad zeggen. Maar om haar in ere te houden zeg ik dorp. Klinkt ook intiemer, liever zelfs.
Ik geef het toe. Ik draal en lul maar wat raak. Het is ook weer even geleden dat ik hier schreef en ik schaam me, dat mag u best weten. Ik weet ook niet of ik mijn leven wel ga beteren. Maar kom terug en u kunt het aanschouwen.
Nu terug naar de actualiteit.
Ik heb dat baantje als burgemeester wel eens van dichtbij gezien. En ja, ik denk inderdaad dat ik dat kan. Koffie met oude, getrouwde stelletjes. Hamerstukken weghameren en een nieuwjaarstoespraak houden. En geloof me: mijn toespraken zijn beter. Nou ja, anders dan. Maar wat let mij om te solliciteren. Ik weet wat het leven brengt, sta midden in de samenleving en mijn carrière kan best een boost gebruiken. Voor het gemak laat ik mijn looks dan even buiten beschouwing.
Dus moet ik gaan lobbyen voor mezelf: Fred for burgemeester. Daar zit hem nou de kneep. Dat bekt dus niet. Fred for president! Kijk dat bekt even lekker. Want image is everything, en dat begint met de juiste slogan.
Wat rest is een klein probleem dat ze het koningshuis noemen.


Kalender
Laatste reacties
Zoeken
Stuff
default -