Fred van Rooij | woord & beeld

Hartboek 1

Twee reacties

Gedachteloos koop ik op station Amsterdam Sloterdijk het boek ?De reis van de lege flessen? van de schrijver Kader Abdolah. Nee, niet gedachteloos natuurlijk, bewust schafte ik dat boek aan. De schrijver is bij mij favoriet en de titel spreekt me aan. Een reis van lege flessen. Bij mij is die reis kort, de glasbak staat op vijf minuten lopen. Dan dendert de lege fles met soms nog een druppel aan inhoud naar beneden. Sommige overleven de val, anderen slaan kapot op de metalen bodem van de glasbak en laten hun geest los. Die geest is door de ingooipijp te ruiken. Veel verschillende geesten zwerven rond in een glasbak.
    Het schiet me gewoon te binnen als ik het boek afreken. Mijn gedachten zijn momenteel niet te ordenen. Wat langskomt krijgt alle kans om zich in mijn hoofd te ontplooien.
    Het is beter om op de terugreis naar Alphen aan den Rijn een boek te lezen dan zouteloos rond te kijken naar de gemiddelde forens in de trein. Zo vermoed ik. Hoe ik er zo op kom om dit boek te kopen weet ik nog niet. Met dit boek erbij lees ik momenteel vijf boeken tegelijk. Onhandig als ik er even over nadenk. Maar dit boek is relatief dun en kan er wel even tussendoor.
    ?We wachten tot de revalidatie begint en dan zien we wel of je in staat bent om ook een dagdeel te gaan werken. Misschien is het beter de eerste week van de revalidatie aan te kijken hoe dat verloopt?, hield de arbo-arts me een twintig minuten geleden voor. En ik ben het wel met hem eens. Net als hij ben ik ook blij met de hulp van een maatschappelijk werker. Lichamelijk gaat het goed, geestelijk zit er nog wel een flinke deuk.
    Vijf weken precies is het nu geleden. Zo ongeveer om de tijd dat ik bij de arts op het kantoortje zat in Amsterdam. Het lijkt een eeuwigheid, maar het is nog zo kort geleden dat mijn hart besloot te stoppen met kloppen. Tot grote schrik van iedereen. Ik kwam er pas achteraf achter. Ik voelde me wegzakken, maar had geen seconde het idee dat mijn leven even stopte. Gelukkig kreeg de ambulancebroeder de zaak weer op gang en keek ik even later gewoon weer de wereld rond.
    De volgende halte werd het VU-ziekenhuis waar een ballonnetje mijn kransslagader weer toegankelijk maakte voor bloed. De druk op mijn borst nam af en eigenlijk voelde ik me toen alweer prima.
    Net als nu eigenlijk. ?Ja, het gaat goed met me?, antwoord ik vaak op de vraag hoe het met me gaat. En feitelijk is dat ook zo. Niets aan de hand met me, zo lijkt het tenminste. Ik doe alles wat ik voorheen ook deed. Behalve werken. Drukmaken doe ik ook nog maar probeer dat te onderdrukken.
    Ik slik vijf pillen per dag, let netjes op mijn eten en beweeg. Vooral wandelen. Sinds vorige week mag ik wat fietsen. ?Niet tegen de wind in?, zei mijn arts bij het revalidatiecentrum. Hij bedoelde natuurlijk niet te hard, maar rustig aan. Het lijntje moet niet breken. Eigenlijk, nu ik er over nadenk, ben ik een voorbeeldpatiënt. De dokter vraagt en ik doe keurig wat de man of vrouw me voorhoudt. Wie had dat ooit gedacht?
    Ja, het gaat goed. Maar dat gevoel had ik ook voor half elf op 21 september. Daarna ging het even goed mis.
    Ja, het gaat goed, zijn eigenlijk woorden die weinig inhoud hebben, zo blijkt achteraf. Niet alleen voor mij, maar net zo goed voor iedereen. Per jaar zijn er duizenden en duizenden hartstilstanden. Het gaat goed, zolang het hart klopt. Maar dat hart zegt dus niet wanneer het stopt met het rondpompen van het zo broodnodige bloed.
    Maar wanneer nokt mijn hart er weer mee? Garanties heb ik van niemand gekregen. Morgen misschien? Of straks, of anders over veertig jaar. Wie zal het zeggen.
    Feit is wel dat ik nu weet dat het leven eindig is, en dat maakt het leven onzeker. Hoewel de dood het enige zekere is van het leven. Nu had ik al niets met de dood, maar nu nog minder. Maar je knippert een keer met je ogen en het kan voorbij zijn.
    Deze keer was het geluk geheel aan mijn zijde. De vraag is, blijft dat ook zo? Een antwoord is niet mogelijk.
    Als ik bij K. ben is het allemaal te doen. Zeker nu ze een reanimatiecursus heeft gevolgd. Je kunt praten en je onzekerheden blootgeven. De mijne, maar ook net zo goed de hare. Ineens kan het voorkomen dat degene die je liefhebt nooit meer terugkomt. Zo praat je nog met elkaar over de telefoon, zo komt er een telefoontje dat je met spoed naar het ziekenhuis moet komen. Niets in ons leven is nog zeker.
    Maar een treinreis naar Amsterdam ? of waarheen dan ook - is en blijft spannend. Wat als er wat in de trein gebeurt, of als ik wandel naar het station. Wie reanimeert me dan? De meest vreemde scenario?s passeren de revue.
    Zo komen ook vreemde gedachtes langs. Bijvoorbeeld een Niet Reanimeren Verklaring. Stel dat ik die had gehad. En als ik die had, dan had ik dat ook uitgedragen aan iedereen. Wat dan? Dan had ik hier nu niet gezeten. Zomaar een gedachte.
    Ook ben ik al jaren bezig met een euthanasieverklaring. Staat nu even in de koelkast, ik hang nog even teveel aan het leven.
    Mijn hoofd laat elke gedachte nu toe. Er is duidelijk een evaluatie van het leven in mij bezig. Weliswaar op een verwarrende manier, maar de procedure loopt. Alles passeert de revue. Nu nog de zaak op een rijtje. Maar daar heb ik nog wel even tijd voor nodig, en een maatschappelijk werker.

Hartboek is het logboek van een man die op een leeftijd van 43 jaar getroffen werd door een hartinfarct. In Hartboek beschrijft hij zijn ervaringen in zijn leven dat op 21 september 2007 een herstart kreeg. Hartboek is fictie en non-fictie door elkaar. Wat waar is blijft in het midden. Wat niet waar is ook.

Written by Fred

Vrijdag 26 Oktober 2007 at 10:33 pm

Posted in Hartboek

twee reacties

  1. Na het “bijna dood zijn” ga je over het leven nadenken. “Wat heb je op je hart?”
    Erik

    erik

    erik

    (URL)

    26-10-’07 22:56

  1. Fred, Fred, Fred wat hoor ik nu toch?! Je weet toch dat er bedrijven zijn die de teamgeest op verzoek kunnen aanwakkeren. Dan gaan ze leuk vlotten bouwen enzo… Nee, man over een jaar of veertig is vroeg genoeg! Oh en trouwens in de trein en op stations ben je in goede handen van ‘mijn’ superman (alle ns-sers kunnen je redden overigens). He, en tijd voor literair werk is het ook hoor. Laat het Witte Weekblad voorlopig maar even aanmodderen en schrijf aan je eigen boek! Dikke knuffel, Fabienne;-)

    Fabienne Pijpers

    Fabienne Pijpers

    (E-mail) (URL)

    03-11-’07 11:13

Leave a Reply

Emoticons
Persoonlijke info onthouden?
Verberg e-mail
Kleine lettertjes: Alle HTML-tags behalve <b> en <i> zullen uit je reactie worden verwijderd. Je maakt links door gewoon een URL of e-mailadres in te typen.