Deur

Gedicht
De roos
De knop
nog niet helemaal open
maar in een vaas
met wat water
komt dat wel
(c) Fred van Rooij
Praten
Soms voel ik het gewoon. Prikkende ogen in mijn rug als ze naar me kijken, waarschijnlijk vol verbazing. In gedachten zie ik ze naar elkaar knikken. Kijk die gek eens maf doen, bedoelen ze dan. Fijn, ik heb collega?s.
Ik weet dat ze kijken en ik roep het op mezelf af. Ook dat weet ik. Maar ik kan er niets aan doen, echt niet. Sommige gewoontes zitten diep in je en krijg je er nimmer of nooit meer uit. Daarnaast ben ik een aantal jaren freelancer geweest. Geen collega?s op mijn kantoor. Nope, geen mens. Dat heb je met een kantoor aan huis, of eigenlijk in huis.
In die situatie ga je dus gekke dingen doen en die vallen nu mijn huidige collega?s op: Ik praat.
Da?s op zich niet eens zo vreemd, want praten heb ik netjes geleerd. Nee, ik praat met mezelf of in mezelf, maar dan hardop. Tja, een hard habit to break. Hele gesprekken kan ik met mezelf houden. Het ergste is nog dat ik het weet en het me op een gegeven moment realiseer. Beschaamd houd ik dan snel mijn kop dicht, maar te laat natuurlijk. Thuis was dat nooit een probleem en was het zelfs gezellig met ik en mij.
Maar sinds kort heb ik weer collega?s. Ik voel ze dan prikken die ogen. En waarschijnlijk gniffelen de monden.
Ik weet dat ze kijken en ik roep het op mezelf af. Ook dat weet ik. Maar ik kan er niets aan doen, echt niet. Sommige gewoontes zitten diep in je en krijg je er nimmer of nooit meer uit. Daarnaast ben ik een aantal jaren freelancer geweest. Geen collega?s op mijn kantoor. Nope, geen mens. Dat heb je met een kantoor aan huis, of eigenlijk in huis.
In die situatie ga je dus gekke dingen doen en die vallen nu mijn huidige collega?s op: Ik praat.
Da?s op zich niet eens zo vreemd, want praten heb ik netjes geleerd. Nee, ik praat met mezelf of in mezelf, maar dan hardop. Tja, een hard habit to break. Hele gesprekken kan ik met mezelf houden. Het ergste is nog dat ik het weet en het me op een gegeven moment realiseer. Beschaamd houd ik dan snel mijn kop dicht, maar te laat natuurlijk. Thuis was dat nooit een probleem en was het zelfs gezellig met ik en mij.
Maar sinds kort heb ik weer collega?s. Ik voel ze dan prikken die ogen. En waarschijnlijk gniffelen de monden.
Kwaken
Het was de natuur, zei ze, terwijl ze haar hoofd uit de tent stak. Die dekselse natuur was debet aan haar verstoorde nachtrust. Zuchtend wreef ze de ochtendslaap uit haar nog vermoeide ogen. Het was nog vroeg, heel vroeg. Normaliter stond ze nooit bij het krieken van de dag op. Maar ja, de natuur. Niet alleen was ze vroeger wakker maar ze kon ook de avond ervoor moeilijker in slaap komen, iets waar ze thuis nooit last van heeft. Leve de natuur, dacht ze waarschijnlijk.
Ondertussen ging het gekwaak gewoon door alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Wat het natuurlijk ook gewoon is. Kikkers kwaken namelijk al eeuwen lang en misschien wel langer ook. Maar in onze verstedelijkte gebieden heb je over het algemeen vrij weinig last van het vrolijke gekwaak van de groene springer. Tenminste ik denk dat kikkers groen zijn.
Maar op camping Amstelkade in Wilnis hebben de kikkers weinig moeite met een gedegen en vooral luid zonsondergangconcert. De herhaling van dit gratis spektakel vindt meestal plaats bij het ochtendgloren. Wie dat niet gewend is, heeft problemen met de nachtrust. Zij dus ook, en ja, ik ook. Iedereen eigenlijk. Overigens strijden de vogels en kikkers in Wilnis om de wie maakt het meeste lawaai trofee. Sturen kun je die beesten niet. Uitmoorden zou een optie zijn, maar erg cru.
Daarnaast beschikt deze mooie natuurcamping, die zeker de moeite waard is, over een kinderboerderij. Leuk, hoor ik u nu al zeggen. Leuk voor de kleintjes. Tot in de ochtend natuurlijk, want dan klinkt ook het geluid van de haan, dat het tijd is om op te staan, iets dat je op dat moment zeker niet wilt. Je bent immers nog aan het vloeken op die kikkers en vogels die al een teringherrie maken. Maar omdat de haan ook wel weet dat mensen moeilijk uit nesten te verjagen zijn, lopen er ook nog twee pauwen rond voor de nodige ik maak je wakker hulp. Kanonnen, wat kunnen die beesten een herrie maken. Je zit direct overeind in je slaapzak. Klaarwakker.
Ja, die natuur. Onnavolgbaar als altijd. Je ging voor je rust naar de camping en zit veel vroeger als gepland met een slap bakkie koffie voor de tent een beetje chagrijnig te zijn. De zon komt vuurrood om het hoekje blieken. Zo vaak zie je dat eigenlijk niet.
Maar waar hoor je nog zoveel kikkers tegelijk de avond of ochtend opvrolijken? Waar hoor je nog vroeg in de ochtend het fluiten van de vogels? In ieder geval op deze camping aan de Kromme Mijdrecht in het Woerdense Verlaat. En laten zij nou ook nog eens het lekkerste appelgebak uit de regio hebben. Wat wil je dan nog meer.
Heerlijk die natuur, alleen iets beter afstemmen op de menselijke nachtrust mag van mij.
Ondertussen ging het gekwaak gewoon door alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Wat het natuurlijk ook gewoon is. Kikkers kwaken namelijk al eeuwen lang en misschien wel langer ook. Maar in onze verstedelijkte gebieden heb je over het algemeen vrij weinig last van het vrolijke gekwaak van de groene springer. Tenminste ik denk dat kikkers groen zijn.
Maar op camping Amstelkade in Wilnis hebben de kikkers weinig moeite met een gedegen en vooral luid zonsondergangconcert. De herhaling van dit gratis spektakel vindt meestal plaats bij het ochtendgloren. Wie dat niet gewend is, heeft problemen met de nachtrust. Zij dus ook, en ja, ik ook. Iedereen eigenlijk. Overigens strijden de vogels en kikkers in Wilnis om de wie maakt het meeste lawaai trofee. Sturen kun je die beesten niet. Uitmoorden zou een optie zijn, maar erg cru.
Daarnaast beschikt deze mooie natuurcamping, die zeker de moeite waard is, over een kinderboerderij. Leuk, hoor ik u nu al zeggen. Leuk voor de kleintjes. Tot in de ochtend natuurlijk, want dan klinkt ook het geluid van de haan, dat het tijd is om op te staan, iets dat je op dat moment zeker niet wilt. Je bent immers nog aan het vloeken op die kikkers en vogels die al een teringherrie maken. Maar omdat de haan ook wel weet dat mensen moeilijk uit nesten te verjagen zijn, lopen er ook nog twee pauwen rond voor de nodige ik maak je wakker hulp. Kanonnen, wat kunnen die beesten een herrie maken. Je zit direct overeind in je slaapzak. Klaarwakker.
Ja, die natuur. Onnavolgbaar als altijd. Je ging voor je rust naar de camping en zit veel vroeger als gepland met een slap bakkie koffie voor de tent een beetje chagrijnig te zijn. De zon komt vuurrood om het hoekje blieken. Zo vaak zie je dat eigenlijk niet.
Maar waar hoor je nog zoveel kikkers tegelijk de avond of ochtend opvrolijken? Waar hoor je nog vroeg in de ochtend het fluiten van de vogels? In ieder geval op deze camping aan de Kromme Mijdrecht in het Woerdense Verlaat. En laten zij nou ook nog eens het lekkerste appelgebak uit de regio hebben. Wat wil je dan nog meer.
Heerlijk die natuur, alleen iets beter afstemmen op de menselijke nachtrust mag van mij.
Feesjuh
Onverwacht, niet meer gedacht.
Maar toch is het gebeurd!
Weekeindje weg stond al gepland, maar nu wordt het een weekendje feest vieren.
Zie hier mijn nieuwe baas!
Maar toch is het gebeurd!
Weekeindje weg stond al gepland, maar nu wordt het een weekendje feest vieren.
Zie hier mijn nieuwe baas!
Zonnen

Grijs
Taxerend liet ze haar blik onbeschaamd over mijn lichaam glijden, van mijn korte haardos tot aan mijn teenharen.
?Je wordt overal grijs hè,? merkte ze op en haar priemende blik bleef hangen op mijn weelderig behaarde borstkas, waar tegenwoordig een zacht grijze gloed overheen ligt. Ouderdom in een beginnend stadium.
Overal om ons heen zwommen mensen bijna naakt in het toch nog wel koude water. De thermometer wees ruim dertig graden, maar het water voelde aan als een duik in de koelkast. Het was de eerste dag dat we zo bloot rondliepen, op slechts zwemkleding na. Ik niet meer in de traditionele zwembroek. Deze zijn uit, en volgens mijn dochter nooit in geweest. Iets wat niemand mij ooit heeft verteld. Dus nu draag ik een zogenaamde Swim Bermuda, het kan verkeren in een mens z?n leven.
Het nadeel van ouder worden is dat er op de raarste plaatsen op het lichaam haar te voorschijn komt. Daarnaast slaat het grijsgehalte op de plotseling verschijnende beharing lichaamsharen ook genadeloos toe. Mijn hoofdhaar had deze kleur reeds jaren. Het zij zo.
?Je kunt zien dat je ouder wordt,? was de volgende klap die ze uitdeelde. Ik was nog niet bijgekomen van de vorige opmerking. Inmiddels wankelde ik op mijn benen van al deze rake opmerkingen. Ontkennen had geen zin en de waarheid is hard, en soms snoeihard.
Wat te doen? Terugslaan? Was een optie, maar ik liet het moment voorbij gaan. Wraak is niet altijd de beste oplossing en soms moet je je kruit bewaren voor betere momenten.
Met een sierlijke duik dook ik in het koude water. Ik wist haar blik gevestigd op me. Dat was voorlopig voldoende. Ze kijkt nog naar me.
?Je wordt overal grijs hè,? merkte ze op en haar priemende blik bleef hangen op mijn weelderig behaarde borstkas, waar tegenwoordig een zacht grijze gloed overheen ligt. Ouderdom in een beginnend stadium.
Overal om ons heen zwommen mensen bijna naakt in het toch nog wel koude water. De thermometer wees ruim dertig graden, maar het water voelde aan als een duik in de koelkast. Het was de eerste dag dat we zo bloot rondliepen, op slechts zwemkleding na. Ik niet meer in de traditionele zwembroek. Deze zijn uit, en volgens mijn dochter nooit in geweest. Iets wat niemand mij ooit heeft verteld. Dus nu draag ik een zogenaamde Swim Bermuda, het kan verkeren in een mens z?n leven.
Het nadeel van ouder worden is dat er op de raarste plaatsen op het lichaam haar te voorschijn komt. Daarnaast slaat het grijsgehalte op de plotseling verschijnende beharing lichaamsharen ook genadeloos toe. Mijn hoofdhaar had deze kleur reeds jaren. Het zij zo.
?Je kunt zien dat je ouder wordt,? was de volgende klap die ze uitdeelde. Ik was nog niet bijgekomen van de vorige opmerking. Inmiddels wankelde ik op mijn benen van al deze rake opmerkingen. Ontkennen had geen zin en de waarheid is hard, en soms snoeihard.
Wat te doen? Terugslaan? Was een optie, maar ik liet het moment voorbij gaan. Wraak is niet altijd de beste oplossing en soms moet je je kruit bewaren voor betere momenten.
Met een sierlijke duik dook ik in het koude water. Ik wist haar blik gevestigd op me. Dat was voorlopig voldoende. Ze kijkt nog naar me.
Mooi (5)

Groene Hartpad (2)
Natuurlijk mag je zelf indelen hoe je de route wilt lopen. Ik heb een voorkeur voor de aangegeven delen, of gebieden, in een keer te lopen en dat mondt soms uit tot wat langere stukken. Etappe 2 was voor mij van Zoetermeer naar Alphen aan den Rijn en is alweer een week of wat geleden. Het woei windje 7 tot 8, en da?s een straffe wind. Maar ik had de zucht mee en dat scheelde veel, heel veel zelfs. Het tegen de wind in beuken, wat toch moest op sommige kleine stukken, was zwaar. Maar met de meewind gleden de ruim 31 kilmeter onder de voetjes vandaan.
Zoetermeer, je moet er van houden denk ik. Uitgegroeid van klein dorpje tot een flinke stad, met moderne architectuur. Deel 1 leidde me om de stad heen, zeg maar door het buitengebied van de stad, naar de noordkant. Met de trein 3 minuten, om te wandelen buitenom ruim acht kilometer. Interessant? Nee, niet echt. Maar beter als dwars door de stad heen. Ten noorden van de stad ligt de Zoetermeerse Plas en de Noord Aa. Daar werd het eindelijk wat leuker, weliswaar ingericht landschap maar dat is het hele Groene Hart. Konijnen en boterbloemen waren typisch voor dat gebied. Konijnen huppelden frank en vrij rond in het lege natuurgebied. Van mij schrokken ze wel maar de vlucht was vaak beperkt. En boterbloemen, heel veel boterbloemen die het weiland geel kleurde. Nee, geen foto?s deze keer. Vanwege het weer en de continu dreigende regen bleef de camera als ballast in de rugzak.
Na Zoetermeer ging het richting Weipoort, een buurtschap dichtbij Zoeterwoude-Dorp. Een langgerekte polderweg met tegenwoordig ruime en vooral dure woningen en soms nog een monumentale boerderij. Uiteraard kom je langs boerderij Geertje, prima voor een koffiestop.
Dan gaan de voeten richting de Westvaart, bij Hazerswoude. Een vaart waar vroeger vele molens de polders droog hielden en waarvan nu niks meer over is. Aan de Westvaart ligt ook de ingang van natuurgebied en vogelreservaat De Wilck. Voor vogelaars top of the bill! De route loopt er een kleinstukje doorheen. Helaas hielden broedende zwanen mij tegen, zodat ik mocht omlopen wat goed was voor een paar extra kilometers. Maar geloof me: voorbij broedende zwanen kom je niet.
Het gebied hier is mij zo bekend dat routetekens of paaltjes overbodig zijn. Ik ken de weg. Bij de Rode Wip oversteken en de Galgweg op. En zo eindelijk door naar Alphen aan den Rijn, via het Rietveld natuurlijk. Bijzonder? Ik denk het wel, maar ook saai voor wie niet van polders houdt of niet oog heeft voor de echte schoonheid.
Ruim in de dertig kilometer die dag, en eerlijk gezegd vond ik het een kolere eind. Het zij zo, dan moet ik maar andere keuzes maken. Maar langzaam aan worden de wegen rechter en de routebeschrijvingen korter en voor wandelaars saaier. Denk ik tenminste.
Zoetermeer, je moet er van houden denk ik. Uitgegroeid van klein dorpje tot een flinke stad, met moderne architectuur. Deel 1 leidde me om de stad heen, zeg maar door het buitengebied van de stad, naar de noordkant. Met de trein 3 minuten, om te wandelen buitenom ruim acht kilometer. Interessant? Nee, niet echt. Maar beter als dwars door de stad heen. Ten noorden van de stad ligt de Zoetermeerse Plas en de Noord Aa. Daar werd het eindelijk wat leuker, weliswaar ingericht landschap maar dat is het hele Groene Hart. Konijnen en boterbloemen waren typisch voor dat gebied. Konijnen huppelden frank en vrij rond in het lege natuurgebied. Van mij schrokken ze wel maar de vlucht was vaak beperkt. En boterbloemen, heel veel boterbloemen die het weiland geel kleurde. Nee, geen foto?s deze keer. Vanwege het weer en de continu dreigende regen bleef de camera als ballast in de rugzak.
Na Zoetermeer ging het richting Weipoort, een buurtschap dichtbij Zoeterwoude-Dorp. Een langgerekte polderweg met tegenwoordig ruime en vooral dure woningen en soms nog een monumentale boerderij. Uiteraard kom je langs boerderij Geertje, prima voor een koffiestop.
Dan gaan de voeten richting de Westvaart, bij Hazerswoude. Een vaart waar vroeger vele molens de polders droog hielden en waarvan nu niks meer over is. Aan de Westvaart ligt ook de ingang van natuurgebied en vogelreservaat De Wilck. Voor vogelaars top of the bill! De route loopt er een kleinstukje doorheen. Helaas hielden broedende zwanen mij tegen, zodat ik mocht omlopen wat goed was voor een paar extra kilometers. Maar geloof me: voorbij broedende zwanen kom je niet.
Het gebied hier is mij zo bekend dat routetekens of paaltjes overbodig zijn. Ik ken de weg. Bij de Rode Wip oversteken en de Galgweg op. En zo eindelijk door naar Alphen aan den Rijn, via het Rietveld natuurlijk. Bijzonder? Ik denk het wel, maar ook saai voor wie niet van polders houdt of niet oog heeft voor de echte schoonheid.
Ruim in de dertig kilometer die dag, en eerlijk gezegd vond ik het een kolere eind. Het zij zo, dan moet ik maar andere keuzes maken. Maar langzaam aan worden de wegen rechter en de routebeschrijvingen korter en voor wandelaars saaier. Denk ik tenminste.
Opgeruimd
Soms is het er domweg tijd voor: opruimen! En nu na de update van de site, is het goed om even overal kritisch naar te kijken. Ook naar de foto?s dus. Daar is vandaag druk opgeruimd, aangeveegd en wat al nog niet meer. Vijf rubrieken ? Buiten[werk], Gek[werk], Mensen[werk], Huis[werk] en Mooi[werk] ? zijn er overgebleven en alle foto?s komen daaronder te staan. Overzichtelijk en duidelijk.
Neem dus even een kijkje, de link naar de foto?s zie je bovenaan. Mis je een foto? Even doorgeven dan.
Neem dus even een kijkje, de link naar de foto?s zie je bovenaan. Mis je een foto? Even doorgeven dan.
Mooi (3&4)


Post
Ouderdom, denk ik. Dat en de eeuwig voortschrijdende economie, aangestuurd door een liberaal kabinet. Want het kan namelijk altijd goedkoper. Euh sorry, het kan natuurlijk beter, niet noodzakelijkerwijs goedkoper, al is dat vaak wel zo, zo niet altijd. Houdt het maar op goedkoper, want beter is te relatief. En er was nog iets met monopoly. Kortom, ik mis enkele handvatten in het leven. Het houvast is weg. Tja, en dat is niet beter, maar eerder slechter. Mogelijk een gevolg van ouderdom die genadeloos toeslaat, en uiteindelijk iedereen slachtoffert. De wereld verandert, ook als je dat niet wilt.
De krant is bijvoorbeeld een echte zekerheid. Een bakste koffie en de krant, zo ziet de ideale ochtend eruit. Optimaal wakker worden met het wereldnieuws onder handbereik. Ideaal voor je naar werk vertrekt. Er van uitgaande dat de krant op tijd - voor zevenen dus ? door de brievenbus glijdt. Die zekerheid is wat onzekerder geworden. Zeker met de Nederlandse bezorgers. Die jongelui van tegenwoordig hebben moeite met het ochtendgloren. Nee, dan die asielzoekers. Nooit was hij te laat. Roetzwart en afkomstig uit een voor mij onbekend land. Boeien! Hij bracht de krant, verzaakte nooit én op tijd. Maar hij mocht niet werken van de op Haagse pluche residerende assholes. Oneerlijke concurrentie, zoiets. Een zekerheid viel weg. Nou ja, de krant kwam wel, maar alleen wanneer het de krantenjongen beliefde. Behalve in december?
Vorige week ontkoppelde ik de voordeur van de diverse sloten die nodig zijn om ongewenst gespuis buiten te houden. Tijdens dit van de nachtschoot halen van de sloten schoof de postbode een blaadje door mijn brievenbus. Keurig, dacht ik. Na het openen van de voordeur meende ik de postbode een welgemeende groet te geven. Maar waar ik ook keek, nergens was het bekende uniform van tante Pos te zien. Slechts een vrouw met groene boodschappentas wandelde over ons laantje en zo te zien op weg naar een volgende brievenbus.
Verbaasd stond ik daar met het giroblauwe blaadje van de Postbank in handen. Giroblauw dat al jaren niet meer bestaat. Het is natuurlijk gewoon donkerblauw. Giroblauw was nog uit de tijd van John Cleese en de Postgiro & Rijkspostspaarbank. Als ik me goed herinner tenminste, want ik ga nu even erg ver terug in de tijd.
Kijk, voorheen had elke buurt zijn vaste postbesteller. Daar kon je op vertrouwen. Wat zeg ik: daar kon je de klok op gelijk zetten. Iets wat wij dan ook steevast deden. Als de brievenbus klepperde verschoven wij de wijzers van onze enigszins achterlopende koekoeksklok naar half één. Jaren en jaren achtereen. Nooit verzaakte deze man die weer en wind doorstond. Met veel liefde gunden wij hem ook de zondagsrust, ondanks dat we dan op maandag de klok niet meer vertrouwden. Maar uiteindelijk stuurde zijn baas hem met pensioen, prepensioen of misschien wel VUT.
Maar hij was een zekerheid waar we ons dankbaar aan vasthielden. Elke zaterdagmorgen bij het ontbijt de uitgebreide krant en bij de lunch de post. Jarenlang een gewoonte die tegenwoordig onmogelijk is. De hele dag klinkt nu de bus en glijdt er van alles door de gleuf. Posttieners, want dat zijn het gewoon. Postparttimers die zo hun zakgeld enigszins bijstellen naar boven. Maar de scharmiertjes van de brievenbus hebben het zwaar tegenwoordig. De krant, natuurlijk op tijd of anders nabezorgt. Tja, en dan komen er nog zeker drie postbestellers aan de voordeur. Elk van hen gooit een klein gedeelte van de post door de gleuf. Snapt u het?Marktwerking, noemen ze het. Drie bedrijven die mij van het nodige leesvoer voorzien, overigens nog steeds bijna altijd rekeningen. Dat is een zekerheid die gebleven is.
Stiekem denk ik dan wel eens of dat niet goedkoper kan. Drie postbodes zijn natuurlijk prijziger dan een. Nu ben ik geen econoom en van marktwerking en liberale, dan wel vrije markten heb ik geen verstand. Ik denk dat het goedkoper kan.
De krant is bijvoorbeeld een echte zekerheid. Een bakste koffie en de krant, zo ziet de ideale ochtend eruit. Optimaal wakker worden met het wereldnieuws onder handbereik. Ideaal voor je naar werk vertrekt. Er van uitgaande dat de krant op tijd - voor zevenen dus ? door de brievenbus glijdt. Die zekerheid is wat onzekerder geworden. Zeker met de Nederlandse bezorgers. Die jongelui van tegenwoordig hebben moeite met het ochtendgloren. Nee, dan die asielzoekers. Nooit was hij te laat. Roetzwart en afkomstig uit een voor mij onbekend land. Boeien! Hij bracht de krant, verzaakte nooit én op tijd. Maar hij mocht niet werken van de op Haagse pluche residerende assholes. Oneerlijke concurrentie, zoiets. Een zekerheid viel weg. Nou ja, de krant kwam wel, maar alleen wanneer het de krantenjongen beliefde. Behalve in december?
Vorige week ontkoppelde ik de voordeur van de diverse sloten die nodig zijn om ongewenst gespuis buiten te houden. Tijdens dit van de nachtschoot halen van de sloten schoof de postbode een blaadje door mijn brievenbus. Keurig, dacht ik. Na het openen van de voordeur meende ik de postbode een welgemeende groet te geven. Maar waar ik ook keek, nergens was het bekende uniform van tante Pos te zien. Slechts een vrouw met groene boodschappentas wandelde over ons laantje en zo te zien op weg naar een volgende brievenbus.
Verbaasd stond ik daar met het giroblauwe blaadje van de Postbank in handen. Giroblauw dat al jaren niet meer bestaat. Het is natuurlijk gewoon donkerblauw. Giroblauw was nog uit de tijd van John Cleese en de Postgiro & Rijkspostspaarbank. Als ik me goed herinner tenminste, want ik ga nu even erg ver terug in de tijd.
Kijk, voorheen had elke buurt zijn vaste postbesteller. Daar kon je op vertrouwen. Wat zeg ik: daar kon je de klok op gelijk zetten. Iets wat wij dan ook steevast deden. Als de brievenbus klepperde verschoven wij de wijzers van onze enigszins achterlopende koekoeksklok naar half één. Jaren en jaren achtereen. Nooit verzaakte deze man die weer en wind doorstond. Met veel liefde gunden wij hem ook de zondagsrust, ondanks dat we dan op maandag de klok niet meer vertrouwden. Maar uiteindelijk stuurde zijn baas hem met pensioen, prepensioen of misschien wel VUT.
Maar hij was een zekerheid waar we ons dankbaar aan vasthielden. Elke zaterdagmorgen bij het ontbijt de uitgebreide krant en bij de lunch de post. Jarenlang een gewoonte die tegenwoordig onmogelijk is. De hele dag klinkt nu de bus en glijdt er van alles door de gleuf. Posttieners, want dat zijn het gewoon. Postparttimers die zo hun zakgeld enigszins bijstellen naar boven. Maar de scharmiertjes van de brievenbus hebben het zwaar tegenwoordig. De krant, natuurlijk op tijd of anders nabezorgt. Tja, en dan komen er nog zeker drie postbestellers aan de voordeur. Elk van hen gooit een klein gedeelte van de post door de gleuf. Snapt u het?Marktwerking, noemen ze het. Drie bedrijven die mij van het nodige leesvoer voorzien, overigens nog steeds bijna altijd rekeningen. Dat is een zekerheid die gebleven is.
Stiekem denk ik dan wel eens of dat niet goedkoper kan. Drie postbodes zijn natuurlijk prijziger dan een. Nu ben ik geen econoom en van marktwerking en liberale, dan wel vrije markten heb ik geen verstand. Ik denk dat het goedkoper kan.

