Je ziet het elke zomer weer: Ladders die opgetuigd worden tegen gevels en kwasten die uit de schuur worden gehaald. Restjes verf worden opgesnord en doorgeroerd. Kozijnen en deuren worden voorzien van een al dan niet nieuw kleurtje. In ieder geval wel een vers likje verf dat bestand is tegen ons heerlijke klimaat.
Juist, het is weer tijd voor de zomerschilder. Echtgenotes worden door vrouwlief gemaand om toch maar wat tegen de bladderende verf te doen. En het liefst snel.
En ik ook dus.
De handen gaan al een paar dagen flink uit de mouwen van het T-shirt. Twee dakkapellen, drie kozijnen en drie deuren staan er bijna allemaal weer glanzend en stralend bij. Je ziet je huis onder de kwast meer waard worden.
En nu denkt u dat Fred zijn hoofdkantoor er weer stralend bij staat.
Mis.
Het huis van het meisje staat er weer stralend bij. Oké, dat een vader zich laat lijmen om te klussen bij een dochter is iets wat logisch is. Maar zelfs ik werd vrijwillig aangewezen om de kwast ter hand te nemen en de ladder te bestijgen. En trouw als ik ben, gehoorzaamde ik.
Goed, zij zorgt elke dag voor een blik soep die we zelf warm moeten maken. Een heerlijke beloning, dat wel.
Dus mocht u denken wat is het stil op [van-rooij.net] dan klopt dat.
Ik sta op een ladder.
En niet bij mij thuis.

