Mijn lief is mijn muze
Mijn lief is mijn muze, kijkt nergens van op
Ze kent al mijn grillen en nukken
Ze ziet aan de sombere frons op mijn kop
Het dichtwerk wil weer eens niet lukken
Ik pak mijn pen op en gooi hem weer neer
Zit brommend en grommend te vloeken
Want wat ik verzin en begin en probeer
Ik weet niet waar ik het moet zoeken
Ik bak er geen drol van, ik heb geen idee
Nu mijn vrienden in Afrika verkeren
Die maken daar dagelijks dichtbundels mee
En ik zit thuis niks te presteren
Maar dan weet mijn lief met één rake zin
Mijn zorg met haar lucht te verlichten
Ze fluistert als muze, schuin streepje vriendin
?Je kunt ook, schat, mij nu gaan dichten?
Huub van der Lubbe
(Concordia, versterkte gedichten)

